Samenvatting Vriendelijk orde houden

Een samenvatting van alle belangrijke aspecten om vriendelijk orde te houden in de klas. Deze aspecten komen uitgebreid aan bod in de cursus en zijn online op deze site te bekijken bij de verschillende onderwerpen.

Relatie Samenvatting tot de drie domeinen van Gert Biesta

Met de overzichtelijke aanpak van VOH nodig je je leerlingen én jezelf uit om op een rustige en duidelijke manier aandacht te besteden aan de drie domeinen van het onderwijs: Kwalificatie, Socialisatie en Persoonsvorming.

Cursus en cursusmateriaal

Op de site van Vriendelijk orde houden schrijven docenten en leerkrachten zich in voor een (online) cursus met als voornaamste doel een betere verstandhouding met hun leerlingen. Ook is het mogelijk het cursusboek te bestellen. Alle informatie voor cursisten is vrij toegankelijk. Docenten en leerkrachten beginnen met het vaststellen van een gemeenschappelijk Kader (Vriendelijk en duidelijk). Met het Interventiepalet sturen ze hun leerlingen eerst aan en vervolgens sturen ze ze bij. Ook geven ze hun leerlingen de ruimte om keuzes te maken en vragen ze hun leerlingen om daar verantwoordelijk mee om te gaan (Leerlinggestuurde aanpak en Geef leerlingen invloed).

Het effect van deze aanpak

  1. Jij handelt de meeste verstoringen zonder tussenkomst van de leiding af.
  2. Meestal leveren leerlingen jouw maatregel, de Tijdrovende opdracht op tijd in.
  3. Als ze de opdracht niet inleveren, werk je samen met de schoolleiding, zo voorkomt escalatie tussen jou en leerling.
  4. De rest van de klas merkt weinig van de stappen 1 tot en met 3 van het Protocol en kan rustig doorwerken.
  5. Jouw leerlingen werken samen, ze leren van elkaar en er ontstaat een hechte groep (Geef leerlingen invloed)

Volgorde van werken

  1. Vriendelijk orde houden in de klas begint met het afspreken van een voor iedereen acceptabel Kader waaraan iedereen, ook de docent, zich dient te houden. NB een docent kan direct met een eigen Kader aan de slag of het team kan een Kader gezamenlijk opstellen en instellen.
  2. Als er ondanks het Kader toch verstoringen plaatsvinden, staat in de linker cirkel van de afbeelding hieronder hoe de docent daarmee omgaat. Met deze aanpak lost de docent de meeste problemen zelf op. Hiervan profiteert iedereen, ook de leiding.
  3. Tussen de twee cirkels staat het Protocol. Dit is een afspraak tussen schoolleiding en docent die alleen gebruikt wordt als een leerling een maatregel (Tijdrovende opdracht) niet uitvoert.
  4. De rechter cirkel geeft aan hoe docent, ouders en schoolleiding en indien nodig het zorgteam, volgens Protocol handelen in de uitzonderlijke gevallen waarbij een leerling zich door de maatregel niet laat bijsturen.

Verschil Orde Maken en Orde Houden

Nu volgt een aanvulling die aansluit bij de hoofdstukindeling van Vriendelijk orde houden: 1 Orde maken, 2 Orde houden.
Onvrede en boosheid bij leerlingen beïnvloedt de stemming van de docent. Zo ontstaat een negatieve spiraal waar je als docent uit wilt komen. Hoe doe je dat? Je begin met Orde Maken

Orde Maken

Met Orde Maken voorkom je zelf de aanleiding bent van verstoringen.

  1. Duidelijkheid begint bij het afspreken van een gemeenschappelijk Kader waaraan iedereen, ook de docent zich aan dient te houden. Door het Kader weet iedereen welk gedrag gewenst en welk gedrag ongewenst is.
  2. De docent geeft duidelijke instructie en toont deze op het bord. De leerlingen weten wat de docent van ze verwacht (Verwachtingsmanagement).
  3. De docent vervangt gesproken instructie zoals :’stop met praten’, ‘draai je om’ ‘let op’, enz door gebaren. Bij het maken van deze gebaren kijkt de docent vriendelijk (Gebruik lichaamstaal) en is in staat tot het reguleren van de eigen energie en die van de leerlingen (Energieregulatie). Door non-verbale aanwijzingen ontstaat rust.
  4. Als de gebaren niet het gewenste effect hebben, geeft de docent bij verstoringen van de les positieve geformuleerde tips (Geef en administreer tips) en noteert deze met de naam van degenen die de les verstoort in een zogenaamd ‘Tipboek’. Indien nodig volgt dan nog een verbale aanwijzing.
  5. Met het onderwerp Spiegel de sfeer toont de docent tijdens Frontaal lesgeven hoeveel tips er per les én per periode zijn gegeven en geeft de docent aan welke leerlingen op de nominatie staan een Tijdrovende opdracht te krijgen. Dit laatste voorkomt herhaaldelijk bijsturen van dezelfde persoon. Met dit onderwerp nodig je leerlingen uit tot gewenst gedrag.

Orde Houden

Bijsturen van ongewenst gedrag.

  1. De docent beperkt het aantal tips (Beperk het aantal tips). Na twee tips zonder consequenties geeft de docent bij de derde tip een Tijdrovende opdracht. Deze opdracht vraagt van de leerling de aanleiding van het krijgen van de opdracht te beschrijven en een oplossing aan te dragen. Indien mogelijk levert de leerling de opdracht de volgende dag in buiten de les om. Als dit roostertechnisch niet mogelijk is, levert de leerlingen de opdracht de volgende les in. Er zit dan tijd tussen het geven van de opdracht en het inleveren ervan, de emotie is gezakt en het is mogelijk constructief te spreken over de gemaakte opdracht. Meestal is het probleem dan opgelost.
  2. Als een leerling deze opdracht niet inlevert, geeft de docent de leerling aan het begin van de de volgende les een nieuwe opdracht en vraagt de leerling deze opdracht buiten de les te maken en in te leveren samen met een uitstuurbriefje.
  3. Als de leerling ook dit niet doet,  gebruikt de docent het Protocol. Daarin staan verschillende stappen vermeld waarbij de docent en de schooleiding samenwerken. Uiteindelijk vraagt de schoolleiding de leerling de opdracht in hun bijzijn te maken. De leerling map pas weer terug in de les als de schoolleiding tevreden is over de opdracht en als de docent toestemming daarvoor geeft.