5.1 Aansturen

Verstoringen van de les sturen docenten aan met lichaamstaal en Tips. De meeste problemen lossen docenten daarmee op. Aansturen kost de leerling geen tijd en vraagt van docenten weinig inspanning.

Ik geef duidelijk mijn grenzen aan. Een leerling die de les verstoort, stuur ik aan met lichaamstaal en Tips. Dit doe ik op een vriendelijke en ontspannen manier. Het gevolg hiervan is dat de les zonder verstoringen verloopt.

Deze afbeelding is onderdeel van het Overzicht van VOH

Huidige aanpak:

Hoe stuur ik nu storend gedrag van een leerling aan?

Toekomstige aanpak:

Hoe stuur ik in de toekomst storend gedrag van een leerling aan?

Eerst stuur je leerlingen aan met lichaamstaal.

Voordeel: Je stuurt onhoorbaar aan. Daardoor verstoor je je eigen les niet.

Daarna stuur je hen aan met een beperkt aantal Tips die je noteert. Je geeft aan wanneer de leerlingen een Tijdrovende opdracht kunnen verwachten.

Voordeel: Je les verloopt zonder verstoringen.

Inleiding Aansturen

Aansturen is een deelgebied van de invalshoek ‘Aansturen en bijsturen’ van Vriendelijk orde houden (VOH). Dit deelgebied is te zien als een losse module. Met deze module stuur je gedrag van een leerling die de les verstoort aan.

Jouw manier van aansturen is effectief als:

  1. je dit vooraf bespreekt met je leerlingen.
  2. je voorspelbaar handelt.
  3. als er een duidelijke grens is.
  4. je bij het passeren van de grens een Tijdrovende maatregel uitdeelt (Bijsturen).

Aansturen heeft een preventief karakter. Door aan te sturen, voorkom je dat je te vaak een Tijdrovende opdracht uitdeelt en dat je daarmee de werkzaamheid ervan vermindert.

Kader vaststellen

Eerst bespreek je het kader met je leerlingen en stel je dit vast. Nu weten je leerlingen hoe jij wilt dat zij zich gedragen. Uiteraard toon je zelf gedrag dat past bij het kader. Alleen dan heb je het recht om het kader te bewaken. Je bewaakt het kader met Aansturen met lichaamstaal, Aansturen met tip. Je geeft aan wanneer je de laatste Tip geeft.

Aansturen in twee stappen.

Eerst stuur je aan met lichaamstaal en daarna stuur je aan met het geven van een Tip. Beide stappen zie je onderaan in de afbeelding van de Handelingsladder. In die ladder komen aansturen en bijsturen samen.

Bekijk bij het overzicht een inschatting hoe vaak het nodig zal zijn om aan te sturen.

Wil je dat jouw leerlingen ook buiten jouw lokaal profiteren van de module Aansturen? Zet Vriendelijk orde houden dan schoolbreed in (Implementeren).

1 Het belang aansturen

1.1 Wel aansturen

Aansturen met lichaamstaal en Tips kost leerlingen en ook jezelf weinig energie. Door aan te sturen laat je je les soepel verlopen. Aansturen is niet vrijblijvend. Je geeft duidelijk aan wanneer je de laatste Tip geeft. Met de combinatie aan- en bijsturen maak je orde.

1.2 Niet aansturen

Als je niet aanstuurt, heb je de keuze uit direct bijsturen of alles op zijn beloop laten. Direct bijsturen komt ruw over. Alles op zijn beloop laten heeft een rommelige les tot gevolg.

1.3 Starten met aansturen

Bij de inleiding van ‘Aansturen en bijsturen’ staan vier opties beschreven waarmee je start met aan- en bijsturen.

2 Aansturen met lichaamstaal

Als je ziet dat een leerling de les verstoort, stuur je het gedrag van deze leerling aan met lichaamstaal. Door direct een aanwijzing te geven in de vorm van een serie gebaren, voorkom je meestal dat de leerling doorgaat met het verstoren van de les. Als je lesgeeft, laat je verbaal en met lichaamstaal merken hoe je wilt dat leerlingen zich gedragen. Deze twee manieren ondersteunen elkaar.

  1. Verbaal geef je uitleg.
  2. Met lichaamstaal stuur je storend gedrag aan.

Als een leerling jouw uitleg verstoort, stop je even met praten en maak je gebruik van een serie van twee gebaren. Afhankelijk van de situatie kies je voor:

  1. Attentie – stil
  2. Attentie – stop

Met de eerste serie vraag je een leerling te stoppen met praten, met de tweede serie vraag je een leerling te stoppen met een handeling. Doet de leerling wat je hem of haar vraagt, dan geef je deze leerling een compliment (duim omhoog ten teken dat je tevreden bent) en ga je weer verder met je uitleg. Doet de leerling niet wat jij vraagt, dan geef je een Tip.

2.1 Aansturen met lichaamstaal in de praktijk

‘Aansturen met lichaamtaal’ is de eerste van vier stappen van de Handelingsladder. Met de eerste twee stappen stel je het geven van een Tijdrovende opdracht uit. Lees bij de inleiding van ‘Aansturen en Bijsturen’ hoe je de vier stappen waarmee je aanstuurt en bijstuurt in de praktijk achter elkaar neemt.

Van aansturen met lichaamstaal houd je geen administratie bij. Lichaamstaal gebruik je zo vaak als nodig is. Dit in tegenstelling tot het geven van Tips en een Tijdrovende opdracht. In het geven daarvan leg je jezelf wel beperkingen op.

2.2 Overeenkomsten aansturen met lichaamstaal bij frontaal lesgeven en bij zelfstandig werken

In beide gevallen stuur je op deze manier aan met afhankelijk van de verstoring:

  1. Attentie – stil
  2. Attentie – stop

Stopt de leerling met verstoren van de les, dan geef je een compliment.

2.3 Verschillen aansturen met lichaamstaal bij frontaal lesgeven en bij zelfstandig werken

Hieronder zie je de verschillen in aanpak wat betreft het aansturen met lichaamstaal bij frontaal lesgeven en bij zelfstandig werken in twee kolommen.

Aansturen met lichaamstaal bij docentgestuurd onderwijs – frontaal lesgeven

Als je iets uitlegt en een leerling verstoort de les neem je eerst deze twee stappen.

  1. Freeze + leerling die stoort aankijken
  2. Stap in de richting van de leerling die stoort

Bij ‘freeze’ en ‘stap in de richting van een leerling’, onderbreek je even je uitleg. Reageert een leerling goed, dan geef je een knikje en ga je weer verder met je uitleg.

Stopt de leerling niet dan maak je de gebaren die beschreven staan bij overeenkomsten.

Aansturen met lichaamstaal bij leerlinggestuurd onderwijs – zelfstandig werken

Terwijl je leerlingen zelfstandig werken, observeer je je leerlingen en loop je rond.

Als een leerling tijdens zelfstandig werken één of meer andere leerlingen stoort, handel je als volgt:

Je loopt er naar toe en kijkt de leerling aan. Je let erop dat de leerling jou ziet. Als de leerling stopt met storen geef je een compliment.

Reageert de leerling hier niet op, dan maak je de gebaren die beschreven staan bij overeenkomsten.

3 Aansturen met tip

Met een Tip bedoelt VOH een positief geformuleerde aanwijzing. Meestal reageert een leerling goed op een Tip. Door de Tips die je geeft te tellen en aan te geven wanneer je de laatste Tip geeft, voorkom je dat deze hun signaalfunctie verliezen. Door Tips te geven ontstaat er een goede sfeer.

Tips geef je op de manier van een steekproef. Een leerling weet niet wanneer de steekproef hem of haar betreft. Dit zorgt ervoor dat iedere leerling de kans heeft door jou gecontroleerd te worden. Als je leerlingen weten dat jij Tips geeft op de manier van een steekproef, zetten zij zich allemaal goed in.

Tip met hoofdletter

Waarom schrijft VOH het woord Tip op deze site met een hoofdletter? Bij VOH is een Tip (met hoofdletter) een niet vrijblijvende en telbare stap waarmee je gedrag aanstuurt. De stap leidt indien nodig tot een maatregel. Daardoor is Tip een belangrijk woord geworden. De hoofdletter maakt dat duidelijk. Een cursist heeft voor het eerst het woord Tip op deze manier gebruikt.

Toepassingen Tips in verschillende situaties

VOH onderscheidt drie situaties waarbij je Tips kunt inzetten.

  1. Frontaal lesgeven
  2. Zelfstandig werken
  3. Huiswerk maken

Het advies van VOH is om te beginnen met toepassen van Tips bij één van de drie genoemde situaties: Bij succes pas je Tips ook toe in een van de andere situaties.

Lees meer over de verschillende toepassingen.

Waarschuwingen vervangen door Tip

Waarom vervangt VOH een waarschuwing door een Tip? Als je storend gedrag laat stoppen met een waarschuwing, zend je een negatieve boodschap uit.  Je benoemt het negatieve gedrag en je komt dreigend over. Die dreiging maak je effectiever als je er ook dreigend uitziet! Je fronst en/of je maakt je groot.

Negatief effect waarschuwing

Door te dreigen, krijg je tijdelijk iets voor elkaar maar de kans is groot dat leerlingen dit onaangenaam vinden. Als je vaak dreigt, vinden de leerlingen je al snel een nare docent. Ze ervaren jouw dreigementen als hinderlijke machtsuitoefening. Daarmee daag jij hen uit om jou uit te proberen. Met een waarschuwing spiegel je negatief gedrag van je leerlingen en versterk je onbewust hun negatieve gedrag. Je stelt hen daarmee in staat jouw gedrag op een negatieve manier te beïnvloeden. Ook haal je met een waarschuwing leerlingen die wel willen opletten uit hun concentratie.

VOH raadt iedere docent daarom aan om waarschuwingen te vervangen door het geven van positief geformuleerde Tips. Daarmee blijf je vriendelijk.

Tips noteren

Het geven van een Tip krijgt meer effect als je deze noteert en telt:

Verba volent, scripta manent! (gesproken woorden vliegen weg, geschreven woorden blijven).

Bij frontaal lesgeven noteer je Tips eerst in je Tipboek. Ook deze term schrijft VOH met een hoofdletter. De naam is bedacht door een cursist.

Bij zelfstandig werken en bij huiswerk maken noteer je Tips op lijsten.

Tips tellen

Je spreekt met je leerlingen een maximum aantal Tips af (VOH raadt aan twee Tips). Daarna neem je een maatregel. Dat kan de maatregel zijn die je al eerder gebruikte of een maatregel van VOH: de Tijdrovende opdracht. Zonder maatregel heeft een Tip geen effect!

Maximaal 1 Tip per leerling per les

VOH adviseert om per les aan dezelfde leerling slechts één tip te geven. Blijft iemand na een Tip nog storen, dan kun je gedrag laten stoppen door wat je ziet te noteren in je Tipboek. Je vertelt de leerling dan niet wat je opschrijft. De leerling begrijpt dat jij – afhankelijk van de ernst van wat er gebeurt – hierop terug kunt komen en houdt zich om die reden in. Als de situatie die les niet escaleert, besteed je aan je extra aantekeningen verder geen aandacht. Zo voorkom je dat je een persoonlijke strijd met deze leerling aangaat waarin je emotioneel te betrokken raakt. Bovendien voorkom je door slechts één Tip per leerling per les te geven, dat een leerling het gevoel krijgt dat je een persoonlijk rancune tegen hem of haar hebt.

3.1 Toepassingen Tips

Bij welke onderdelen van de les kun je het geven van Tips gebruiken? Hoe geef je Tips bij:

  1. bij verstoringen van de les tijdens frontaal lesgeven?
  2. bij een verstoring van zelfstandig werken?
  3. als een leerling zijn/haar huiswerk niet maakt?

Deze vragen beantwoorden wij bij Toepassingen Tip.

3.2 Tip als stap van de handelingsladder

Lees bij de inleiding van ‘Aansturen en bijsturen’ hoe je Tips in de praktijk toepast als onderdeel van de Handelingsladder.

3.3 Voor wie is een tip bestemd? – Stemvolume

  1. Bij frontaal lesgeven spreek je een Tip voor iedereen hoorbaar uit. Enerzijds is de Tip bedoeld voor de leerling die je de Tip geeft. Je maakt deze leerling duidelijk hoe je wilt dat de les verloopt. Tegelijkertijd horen de andere leerlingen jouw Tip en is die Tip ook voor hen een positieve aanwijzing voor gewenst gedrag.
  2. Bij zelfstandig werken en bij het niet maken van huiswerk is een Tip alleen bedoeld voor degene die je aanstuurt. De rest van de groep is op dat moment aan het werk. Om de andere leerlingen niet te storen, spreek je de Tip uit met zachte stem.

3.4 Tellen van tips

Je telt het aantal Tips dat je geeft per les met de Spiegelmap, daarmee geef je een jouw grens aan. De Spiegelmap fungeert als telraam.

3.5 Tips en Tijdrovende opdracht in het PO en VO

Lees meer over de verschillen tussen PO en VO bij het gebruik van Tips en Tijdrovende opdracht in de inleiding van de invalshoek ‘Aansturen en bijsturen’.

3.6 Collectieve verstoring door de hele groep

Als een klas collectief besluit jouw les te verstoren, kun je dit als volgt pareren. Schrijf op het bord:  ‘Algemene Tip: graag opletten’. Daarmee geef je aan dat je de hele groep een Tip geeft. Voor de hele klas zichtbaar laat je zien dat er nu een Tip is gegeven b.v. met de Spiegelmap. Vervolgens vraag je om stilte, als de klas volhardt in het storen, schrijf je op het bord dat je een tweede algemene Tip geeft. Weer vraag je om stilte. Blijft de groep onrustig, dan kies je een willekeurige leerling uit en zeg je tegen deze leerling: “Helaas moet ik je nu een Tijdrovende opdracht geven. Als een leerling protesteert bij het krijgen van de opdracht, geef je aan dat hij of zij nu kan stoppen met dit gedrag, en dat je anders helaas een grotere opdracht moet geven.

De leerling overweegt nu of het nog loont om door te gaan met het verstoren van de les. Uit ervaring blijkt dat een leerling gesteld voor die vraag liever de korte opdracht accepteert.

4 Samenvatting

Aansturen doe je met een glimlach. Zowel met lichaamstaal als met Tips stuur je op een vriendelijk en duidelijke manier storend gedrag van een leerling aan. Je versterkt het effect van de Tip door vooraf een maximum aantal Tips met de klas af te spreken, Tips te noteren, te tellen en duidelijk aan te geven wanneer het maximum aantal Tips is bereikt.

  • Wacht niet te lang met het geven van Tips. Als je verstoringen negeert, loop je de kans dat je toch weer boos wordt of gaat waarschuwen.
  • Geef af en toe een leerling een Tijdrovende opdracht. Pas als je een Tijdrovende opdracht hebt uitgedeeld en deze is ingeleverd, vermijden andere leerlingen het krijgen van een Tijdrovende opdracht en vermindert het aantal verstoringen van je les. Pas nadat je de eerste Tijdrovende opdracht gegeven hebt, begrijpen je leerlingen dat ‘Aansturen met lichaamstaal’ en ‘Aansturen met tip’ voorafgaan aan het ‘Bijsturen met Tijdrovende opdracht’.
  • Een oorzaak van storend gedrag die vaak over het hoofd wordt gezien, is bijziendheid. Sommige leerlingen schamen zich voor hun bril en zetten deze daarom niet op. Zonder bril kunnen ze niet lezen wat er op het bord staat. Als je de indruk krijgt dat een leerling de informatie van het bord niet kan lezen, test dan tijdens een persoonlijk gesprek in hoeverre een leerling iets van het bord kan oplezen. Als je merkt dat dit niet lukt, geef dat dan door aan de mentor en de schoolleiding.

5 Video

Het effect van een tip gefilmd in een niet geregisseerde setting

Bij dit fragment zitten een aantal leerlingen klaar om te gaan optreden. De leerlingen die gaan optreden zijn onrustig. Maar niet alleen zij, ook de hele klas deelt in de onrust. Meer info over deze video hieronder.

Bij 2.17 vraagt de docent aandacht met het vuurtorengebaar (Een gebaar dat vraagt om stilte). Dat heeft niet het gewenste effect.

Bij 2.32 pakt de docent de Spiegelmap en vertelt dat hij nogmaals het stiltegebaar gaat tonen en dat wie dan doorpraat een Tip krijgt.

Bij 2.46 maakt de docent voor de tweede keer het stiltegebaar. Nu is het helemaal stil.

Het effect van deze drie handelingen is dat leerlingen stoppen met onderling praten en aandacht geven aan de presentatie van hun medeleerlingen. De onrust van de drie artiesten resoneert in de klas. Niemand valt hier iets te verwijten. Het is gewoon spannend om op te treden.

Merk op dat de docent nog geen Tip heeft gegeven maar dat het effect dat hij beoogde, aandacht voor de les, wel tot stand komt mede door de Spiegelmap. De Spiegelmap heeft hier de werking van een assistent van de docent op het gebied van orde houden.

Hoe laat je iets stoppen?

Aandacht vragen van je leerlingen, kan op meerdere manieren.

Een verhaal van Soren Kierkegaard over de koetsier van de koning

Het knallen van de zweep is hier een metafoor voor een actie die oproept tot stilte en aandacht. Bij VOH vraagt een docent om stilte door het maken van het onhoorbaar vuurtorengebaar en door het onhoorbaar tonen van pagina’s van de Spiegelmap die elk een eigen kleur hebben. Op elk moment weet iedere leerling precies hoeveel Tips er die les zijn gegeven.

6 Credits

Stephanie Heeren – Docent Nederlands

Herkomst Tip

Stephanie gaf les op dezelfde school waar Johan ’t Hart voor het eerst begon te werken met Tips. Binnen die context waarbij de leerlingen al ervaring hadden met de consequenties van Tips, besloot zij ook met Tips te gaan werken. Dit maakte zij als volgt duidelijk aan haar leerlingen: Jongens en meisjes: Ik ga dit jaar werken met Tips! De eerste twee zijn gratis, de derde gaat je tijd kosten!
Binnen een vergelijkbare context is dit voor docenten een korte en effectieve introductie aan leerlingen van Vriendelijk orde houden.

Linda Timmermans – Linda volgde de cursus en geeft muziekles op het VO

Herkomst Tipboek
Tijdens frontaal lesgeven schrijf je in een notitieboekje wie je een Tips geeft en welke tip je geeft. Linda gaf dit notitieboekje de naam Tipboek.