Duidelijk inleiding

Duidelijk is een van de vijf invalshoeken van Vriendelijk orde houden (VOH). Docenten maken orde door duidelijk te zijn. Zij bespreken met hun leerlingen het kader en de onderwijsdoelen en geven zo duidelijk aan wat zij van leerlingen verwachten en wat zij willen gaan doen. Ook maken zij duidelijke opdrachten en geven zij voorafgaande aan een werkvorm duidelijk instructie.

Door duidelijk te zijn maakt ik orde. Onderwijsdoelen en kader geven iedereen richting. Het kader hang ik aan de muur. Wat ik van mijn leerlingen verwacht, maak ik per werkvorm op het bord duidelijk.

Duidelijk zonder vriendelijk is al snel té streng.

“Bismarck reageerde nooit positief op een opgeheven vingertje.” Prideaux (2018)

Overzicht van Vriendelijk orde houden

Huidige aanpak:

Hoe zorg ik nu voor duidelijkheid?

Toekomstige aanpak:

Hoe zorg ik in de toekomst voor duidelijkheid?

Introductievideo

Links in beeld zie je het overzicht van Vriendelijk orde houden.

Hoe creëer je duidelijkheid?

  1. Je hangt een kader aan de muur. Jij houdt je aan dat kader en je vraagt dat ook van je leerlingen.
  2. Met onderwijsdoelen voor ogen, heb je een richtlijn voor het maken van lessen en voor de manier waarop je lessen geeft.
  3. Met verwachtingsmanagement maak je voorafgaande aan elke leswisseling duidelijk wat je van je leerlingen verwacht.

Een kader, onderwijsdoelen en verwachtingsmanagement dragen alle drie bij aan duidelijkheid.

Duidelijkheid door een kader

Duidelijkheid is een van de vijf invalshoeken van Vriendelijk orde houden die bijdragen aan een goede orde:

  1. Vriendelijk
  2. Duidelijk (deze pagina)
  3. Lesinhoud
  4. Observeren
  5. Aansturen en bijsturen

Inleiding

De invalshoek Duidelijk en de deelgebieden daarvan zijn te zien als losse modules. Met een of meer modules zorg je in je lessen voor duidelijkheid en daarmee maak je orde.

De deelgebieden van deze invalshoek zijn:
Onderwijsdoelen
Kader
Verwachtingsmanagement.

Door aandacht te besteden aan deze deelgebieden breng je structuur aan in je les en neem je onduidelijkheid weg. Daardoor zijn je leerlingen minder geneigd de les te verstoren (preventief).

Met onderwijsdoelen geef je richting aan het onderwijs (Kwalificatie, Socialisatie en Persoonsvorming). Het kader vraagt van iedereen zich op een bepaalde manier op te stellen (Vriendelijk + duidelijk). Met verwachtingsmanagement geeft jij concrete aanwijzingen per werkvorm.

Hierbij de kanttekening dat duidelijkheid alleen niet volstaat. Vriendelijk orde houden (VOH) raadt aan om duidelijkheid te combineren met vriendelijkheid. Pas dan kun je ongestoord lesgeven.

Inhoudsopgave

  1. Belang van duidelijk
    1.1 Wel duidelijk
    1.2 Niet duidelijk
    1.3 Starten met duidelijk
  2. Samenvatting

1 Belang van duidelijk

1.1 Wel duidelijk

Je gebruikt onderwijsdoelen om je lessen voor je leerlingen interessant te maken. Met het kader geef je aan hoe je wilt dat iedereen, dus ook jij, zich opstelt. Per werkvorm geef je duidelijk aan wat je van leerlingen verwacht met verwachtingsmanagement. Je bent duidelijk en daarom is er geen ruis in je les. Je maakt orde.

1.2 Niet duidelijk

Je bent niet duidelijk. Daardoor ontstaat verwarring en onrust.

1.3 Starten met duidelijk

Duidelijk zonder vriendelijk is al snel streng. Dat is niet nodig. In plaats daarvan ben je zowel vriendelijk als duidelijk. Dan is er geen sprake van streng zijn.

Vriendelijk

Als je een nieuwe groep voor het eerst ziet, stel je dan vriendelijk op ook al is de groep onrustig. Als je op hun onrust ook weer met onrust reageert, geef je op dat moment niet het goede voorbeeld.

+

Duidelijk

  • Je bespreekt het kader waarbij je aangeeft dat jij zelf gaat proberen vriendelijk en duidelijk te zijn. Als dat niet lukt, mogen jouw leerlingen je daarop aanspreken. Ook geef je aan dat jij omgekeerd van hen vraagt vriendelijk en duidelijk te zijn. Je laat weten dat je indien nodig een leerling hierop aanspreekt (Aansturen en bijsturen).
  • Bij de lessen die je maakt, betrek je naast Kwalificatie ook Socialisatie en Persoonsvorming. Daarmee maak je je lessen voor de leerlingen aantrekkelijk (Onderwijsdoelen).
  • Per werkvorm geef je duidelijk aan wat je van je leerlingen verwacht (Verwachtingsmanagement).

Als je dit alles met de groep hebt besproken en jij bent zowel vriendelijk als duidelijk dan begrijpen je leerlingen waarom jij een leerling die de les verstoort aanstuurt en/of bijstuurt.

Bekijk ook de invalshoeken Vriendelijk, Lesinhoud, Observeren en Aansturen en bijsturen.

Wil je dat jouw leerlingen ook buiten jouw lokaal profiteren van de invalshoek duidelijk? Zet Vriendelijk orde houden dan schoolbreed in (Implementeren).

2 Samenvatting

Als je zowel duidelijk als vriendelijk bent, geef je ongestoord les.