Gewenst gedrag

Bij Vriendelijk orde houden gebruiken docenten een kader om aan te geven hoe ze met hun leerlingen willen werken. Hierdoor komen talenten van hun leerlingen tot hun recht en kan iedereen zijn wie die is.

Docenten vragen van hun leerlingen geen gebruik te maken van de volgende drie rechten:

  1. Het recht om te beledigen
    Op school krijg ik de kans mijn eigen leven vorm te geven onder voorwaarde dat ik mij houdt aan twee eenvoudige aanwijzingen: vriendelijk en duidelijk. Het vorm geven van mijn eigen leven is voor mij belangrijker dan het recht op beledigen.
  2. Het recht om te handelen zonder inmenging van anderen.
    Op school leer ik samenwerken. Dit vraagt van mij de bereidheid om mij zo nodig bij te laten sturen.
  3. Het recht om een identiteit uit te dragen die ingaat tegen het bestaande kader.
    Mijn school heeft een kader dat is zo gemaakt dat het niemand buitensluit. Het stelt ons in staat samen te werken, onze talenten te ontwikkelen en onze eigenheid te ontdekken. Ik zie geen aanleiding om mij hiertegen te verzetten.

Dit blog is tot stand gekomen na lezing van een boek van Rob Wijnberg getiteld “Nietsche en Kant lezen de krant”.