Gebruik lichaamstaal

Gebruik lichaamstaal is onderdeel van twee invalshoeken van Vriendelijk orde houden (VOH): Vriendelijk (Aanwijzingen geven met lichaamstaal) en ‘Aansturen en bijsturen’ (Aansturen met lichaamstaal). Door lichaamstaal te gebruiken, maak de docent orde. Aanwijzingen geven met lichaamstaal en aansturen met lichaamstaal kost de docent weinig energie en haalt de ruis uit de les.

Gedrag van leerlingen beïnvloed ik onhoorbaar én op een vriendelijke en duidelijke manier. Als ik iets uitleg kan ik een enkele leerling onhoorbaar aansturen met lichaamstaal en verstoor ik mijn eigen uitleg niet. Mijn leerlingen letten beter op omdat ze zowel kijken naar mijn visuele aanwijzingen als luisteren naar mijn uitleg: Ik spreek bewust synchroon twee talen:

  1. Verbaal geef ik uitleg.
  2. Met lichaamstaal geef ik aanwijzingen en stuur ik gedrag aan.

Nu beantwoorden

Hoe gebruik ik lichaamstaal tot op heden als ik lesgeef?

Thuis beantwoorden

Deze lichaamstaal gebruik ik in de toekomst tijdens het lesgeven.

Gebruik lichaamstaal

Leerlingen reageren steeds sterk op het stiltegebaar. De docent is daar steeds weer verbaasd over.

Gebruik lichaamstaal

Door lichaamstaal zelf in te zetten als middel om leerlingen aan te sturen, verstoor je de les niet en raak je zelf niet afgeleid.

Voorbeelden

  • Start, stop, attentie, compliment(duim omhoog), stil (vuurtoren), zachter. Bekijk een pagina met uitleg en video’s van deze zes gebaren.
  • Deze weblink gaat naar de website van de Kizzo Band. Zowel de Kizzo Band als Vriendelijk orde houden, zijn initiatieven van de Stichting Rapucation. Gebaren die specifiek bedoeld zijn voor het vak muziek.
  • ls de klas druk is, stuur je bij met een tegengestelde houding aan. Je straalt rust uit bij een drukke klas met als doel dat ze jouw rust overnemen. Bij een (te) passieve groep ben jij juist energiek met als doel deze groep te activeren. (Reguleer je energie)
  • Maak oogcontact. Kijk daarbij altijd ontspannen (Streng kijken is niet nodig als je weet dat je bij verstoringen kunt aansturen met lichaamstaal en daarna indien nodig met een Tip en als dat geen effect heeft met een Tijdrovende opdracht.
  • Kies bewust een positie in de klas. Als een leerling de les verstoort, loop je een paar passen naar deze leerling toe en kijk afwachtend. De plaats waar je staat heeft invloed op het effect van het gebaar. Hoe dichter je staat bij de leerling, hoe meer invloed. Let er daarbij wel op dat je niet té dicht bij een leerling gaat staan of tegenover de leerling gaat staan, of boven de leerling uittorent. Als je een leerling aanspreekt, ga dan naast hem of haar staan, zodat er ruimte is voor open communicatie.
  • Neem een expressieve houding aan. Sta je op een zelfverzekerde manier met een open houding, dan is de kans groter dat leerlingen je serieus nemen.
  • Gebruik gezichtsuitdrukkingen. Ontspannen kijken en wachten is vaak al genoeg. Als je ongewoon gedrag ziet, breng dan één wenkbrauw omhoog en houd je hoofd scheef met vragende blik.
  • Geef met lichaamstaal positieve feedback. Als een leerling een antwoord geeft op een vraag, knik je met je hoofd om te laten zien dat je het antwoord begrijpt en waardeert. Als leerlingen snel reageren, bijvoorbeeld op jouw verzoek bij het wisselen van werkvorm, laat dan zien dat je dat waardeert met het gebaar duim omhoog.
  • Geef aanwijzingen via een handeling. Als je leerlingen zelfstandig werken aan een opdracht en de tijd is om, geef dat moment dan aan door bijvoorbeeld iets uit te delen. Het is dan niet nodig om te zeggen dat de tijd om is.
  • Bepaalde gebaren spreken voor zich en hebben direct effect. Een voorbeeld van een begrijpelijk gebaar: compliment = duim omhoog. Voor wie onwennig is met lichaamstaal is dit een aanrader.

Inleiding gebruik lichaamstaal

Dit deelgebied Gebruik lichaamstaal is onderdeel van twee invalshoeken. Vriendelijk en ” Aansturen en bijsturen’. Dit deelgebied is te zien als een losse module. Met deze module geef je geluidloos aanwijzingen én stuur je geluidloos gedrag aan. Daarmee maak je orde.

Als je niet gewend bent om lichaamstaal bewust te gebruikt tijdens het lesgeven bijvoorbeeld omdat je je daar ongemakkelijk bij voelt, raadt VOH aan te beginnen met het geven van onhoorbare complimenten: duim omhoog. Onderzoek daarna welke gebaren of andere vormen van lichaamstaal je ook effectief kunt inzetten tijdens het lesgeven om onhoorbaar aanwijzingen te geven.

Als je aan de slag gaat met lichaamstaal komen de volgende vragen aan de orde:

  1. Hoe kom ik over als docent en wil ik ook zo overkomen?
  2. Zou het kunnen dat ik anders overkom dan hoe ik wil overkomen?
  3. Waar letten leerlingen op als zij naar mij kijken?
  4. Hoe stuur ik leerlingen aan met lichaamstaal?

Als je uitleg geeft en een leerling verstoort de les, dan kun je de verstoring oplossen door geluidloos deze leerling aan te sturen met lichaamstaal. Door aan te sturen met lichaamstaal verstoort je je eigen les niet én is het niet meer nodig om waarschuwingen en verbale aanwijzingen te geven. Als je merkt dat een leerling niet goed reageert op je aanwijzing gebruik je de vervolgstappen van VOH: Eerste een Tip en daarna indien nodig de Tijdrovende opdracht.

Nadeel verbale waarschuwing

Iedere met nadruk uitgesproken verbale waarschuwing  tijdens frontaal lesgeven (ongeacht tijdens frontaal lesgeven of tijdens zelfstandig werken heeft een grote impact, veel groter dan je zou beseffen. Want stel je eens voor: al je leerlingen zijn (meer of minder intensief en serieus) bezig met hun eigen leerproces en hebben daar hun aandacht en concentratie. Nu geef jij, voor iedereen hoorbaar (hoewel niet direct door iedereen verstaan en begrepen) een verbale waarschuwing. Dan moeten alle leerlingen noodgedwongen hun aandacht van hun leerwerk afhalen, jij vraagt hun aandacht, dus als jij hun iets te melden hebt dan is het de bedoeling dat zij naar jou luisteren. Zij moeten dus allemaal jouw boodschap zien te achterhalen, alleen al om te weten of die boodschap (ook) voor hen bedoeld was. Vervolgens, als ze begrijpen dat de boodschap alleen voor Marie was, moeten ze allemaal omgekeerd weer de weg terugvinden naar waar ze mee bezig waren en opnieuw hun concentratie opbouwen. Opgeteld heb je nu veel tijd en aandacht weggegooid, alleen om één leerling even aan te sturen! Wat een verspilling! Als je een leerling wilt aansturen tijdens frontale lessituaties, vermijd dan zoveel mogelijk het geven van verbale aanwijzingen en verbale waarschuwingen.

Een paar stellingen t.a.v lichaamstaal

  1. Wij hebben de neiging elkaar lichaamstaal over te nemen. Als je lesgeeft op een rustige manier, wordt daardoor de klas rustig. Geef je heel druk lesgeeft, wordt de klas daardoor druk. Is een groep te passief, dan toon je juist meer energie in de hoop dat de groep actief te maken.
  2. Gebaren lenen zich goed om simpele aanwijzingen te geven.
  3. Je kunt om meerdere manieren aanwijzingen geven met lichaamstaal: Met gebaren, met signalen (afbeeldingen) of door op een bepaalde plaats in de ruimte te gaan staan (Zie ‘meerdere opties voor het geven van aanwijzingen’).

Aanwijzingen met lichaamstaal noteer je niet en ook telt je de aanwijzingen ook niet bij elkaar op (zoals bij Tips en Tijdrovende opdracht). Dat zou de les onderbreken en dat wil je nu juist voorkomen. Je kunt (non-verbale) aanwijzingen zo vaak gebruiken als nodig is.

Als je aan de slag gaat met lichaamstaal, vind je steeds nieuwe mogelijkheden om daarmee aanwijzingen te geven. Geleidelijk vervang je de meeste verbale aanwijzingen door aanwijzingen met lichaamstaal. Meer informatie hierover bij het punt  ‘lichaamstaal in plaats van verbaal’ .

Waarom zou een leerling reageren op een gebaar?

  1. Vaak als je met een groep wil beginnen en iedereen praat door elkaar, dan wil de groep zelf ook wel beginnen alleen de manier waarop dat gebeurt, maakt veel uit voor de sfeer. Als je het vuurtorengebaar gebruikt (of een ander gebaar dat vraagt om stilte) en je leerlingen raken daar aan gewend, dan begint de les rustig en geconcentreerd. Daar heeft iedereen baat bij.
  2. Natuurlijk komt het voor dat een leerling (al dan niet bewust) niet reageert op een gebaar. Dan stuur je deze leerling eerst aan met een Tip en als dat niet helpt met een Tijdrovende opdracht. Leerlingen willen absoluut geen vrije tijd kwijtraken en als ze weten dat je na een genegeerd gebaar een Tip of Tijdrovende opdracht geeft, reageren ze direct op een aanwijzing in de vorm van een gebaar. Ze weten uit ervaring dat als ze niet goed reageren op een gebaar, dat na een Tip een Tijdrovende opdracht is te verwachten.

De afbeeldingen die wij hieronder gebruiken zijn onderdeel van een poster van VOH. Zie
Overzicht – Vriendelijkordehouden.nl

Aanwijzingen geven met lichaamstaal

Aanwijzingen geven met lichaamstaal is één van de drie aspecten van VOH die te maken hebben de voorbeeldfunctie van docenten en het doorgeven daarvan. Naast Gebruik lichaamstaal zijn dat: Toon gewenst gedrag en Reguleer je energie. Onhoorbare praktische aanwijzingen met lichaamstaal ondersteunen de les. Zo gaat alle aandacht naar de les en maken docenten orde.

N.B. Voorbeeldfunctie is onderdeel van de invalshoek Vriendelijk.

Door op de lichaamstaal van mijn leerlingen te letten, merk ik hun stemming en kan ik daar beter en sneller op inspelen. Ik leg makkelijker contact. Als ik zie dat een leerling zich goed inzet dan geef ik met een gebaar (duim omhoog) een compliment.

Voorbeelden van dit type gebaren:

  1. Afhankelijk van de context betekent hetzelfde  gebaar: Jij mag het zeggen  / Jij mag beginnen / Wil je gaan zitten? (Start)
  2. Graag aandacht allemaal (Vuurtoren),
  3. Graag zachter praten (Zachter)
  4. compliment (Duim omhoog)

Ik geef onhoorbaar aanwijzingen met lichaamstaal.

 

Aansturen met lichaamstaal

Aansturen met lichaamstaal is onderdeel van de invalshoek van Vriendelijk orde houden (VOH) ‘Aansturen en bijsturen’. Voldoet gedrag van een leerling niet aan het kader, dan sturen docenten dit gedrag op een vriendelijke en duidelijk manier aan. Daarmee maken docenten orde. Aansturen met lichaamstaal kost docenten weinig energie en haalt de ruis uit de les. Het komt in de plaats van met luide stem om aandacht vragen en verbale reprimandes geven. Hoe minder ruis, hoe beter iedereen zich kan concentreren.

Als ik zie dat een leerling de les wil verstoort, stuur ik het gedrag van deze leerling aan met lichaamstaal. Door direct een aanwijzing te geven in de vorm van een gebaar (dit hoort bij aansturen), voorkom ik dat de de leerling doorgaat met het verstoren van de les.

Bekijk twee series gebaren waarmee je gedrag dat niet past bij het kader aanstuurt:

  1. attentie – stop – goed gedaan
  2. attentie – stil – goed gedaan

Aansturen met lichaamstaal is de eerste van twee stappen waarmee je aanstuurt.

  1. Aansturen met lichaamstaal (A) (Deze pagina gebruik lichaamstaal)
  2. Aansturen met een of twee positief geformuleerde Tips (B-C)
  3. Bijsturen met een of twee Tijdrovende opdrachten (D-E)
  4. Bijsturen met hulp van de schoolleiding (F)

VOH onderscheidt vijf invalshoeken waarmee je orde maakt. ‘Aansturen met lichaamstaal’ valt onder  de invalshoek ‘Aansturen en bijsturen’.

Bekijk het de ladder met de genoemde vier handelingen linksboven in het overzicht van Vriendelijk orde houden

Inhoudsopgave

  1. Belang van het gebruik van lichaamstaal
    1.1 Bewust lichaamstaal gebruiken
    1.2 Onbewust lichaamstaal gebruiken
    1.3 Starten met het bewust gebruiken van lichaamstaal
  2. Lichaamstaal in plaats van verbaal
    2.1 Uitzonderingen waarbij je wel verbaal aanwijzingen geeft
  3. Aansturen met lichaamstaal
    3.1 Gebaren effectiever maken bij frontaal lesgeven
    3.2 Gebaren effectiever maken bij zelfstandig werken.
  4. Vragen om aandacht aan de hele groep met lichaamstaal
  5. Lichaamstaal past niet bij mij
    5.1 overtuiging
  6. Gebaren helpen zorgleerlingen
  7. Meerdere opties voor het geven van non-verbale aanwijzingen
    7.1 Aanwijzing met afbeelding
    7.2 Aanwijzing met geluid
  8. Samenvatting
  9. Video

1 Belang van het gebruik van lichaamstaal

Als je iemand ziet, kun je altijd iets zeggen over lichaamstaal. Of iemand nu bewust iets uitstraalt met lichaamstaal of dat iemand daar helemaal niet mee bezig is, altijd valt er iets over lichaamstaal te zeggen.

1.1 Bewust lichaamstaal gebruiken

Bij lesgeven hoort het geven van aanwijzingen. Welwillende leerlingen geef je aanwijzingen met lichaamstaal maar ook een leerling die de les verstoort, stuur je aan met lichaamstaal.

Ondertussen kun je gewoon doorgaan met je verbale uitleg van een onderwerp. Een ononderbroken uitleg is voor iedereen beter te volgen. Het kost jou weinig tijd om een leerling aan te sturen met lichaamstaal en daarom verlies je ook weinig tijd en aandacht en raak je de draad van je verhaal niet kwijt. Je leerlingen merken dat jij niet verbaal op hun een verstoring reageert. Jij gaat onverstoorbaar door met je uitleg terwijl je een verstoring met lichaamstaal aanstuurt.

Jouw gebaren leiden de leerlingen niet af van jouw uitleg. Je maakt de gebaren zonder ergernis te tonen, zo verloopt de les in een goede sfeer.

1.2 Onbewust lichaamstaal gebruiken

Welk effecten treden op als jij onbewust lichaamstaal gebruikt?

Jij negeert een leerling die stoort of je stuurt een leerling verbaal aan (waarschuwen). Als je daarbij irritatie in je stem laat meeklinken, of als je boos wordt, beïnvloed je de sfeer (onbewust) in negatieve zin. Door verbaal aan te sturen raak je bovendien de draad van je verhaal kwijt en het haalt je jezelf uit je concentratie.

Als je leerlingen verbaal aanspreekt op verstoringen onderbreek je jouw ‘flow’ van de les. Zowel jij als je leerlingen verliezen de aandacht voor de les. Als je een verstoring negeert, krijgen de leerlingen de indruk dat deze door de beugel kan. Onbewust stimuleert je het verstoren van de les in plaats van dat je het laat verdwijnen.

1.3 Starten met het bewust gebruiken van lichaamstaal

Als je wilt starten met het gebruik van lichaamstaal, is het geven van een compliment (duim omhoog) een aanrader. Als je de klas met lichaamstaal om stilte wilt vragen, bekijk dan deze PowerPoint waarbij het Vuurtorengebaar (met dit gebaar vraag je de hele groep om stilte) aan de orde komt en Attentie – stil – bedankt (Met deze serie gebaren vraag je één leerling te stoppen met praten), en Attentie – stop – bedankt ( Met deze serie gebaren vraag je één leerling ergens mee te stoppen).
Bekijk ook deze link naar video’s + instructie over de gebaren

Wil je dat jouw leerlingen ook buiten jouw lokaal profiteren van het gebruik van lichaamstaal? Zet VOH dan schoolbreed in (Implementeren).

2 Lichaamstaal in plaats van verbaal

Verbale vakmatige uitleg, het uitleggen van een onderwerp, is niet te vervangen door lichaamstaal.

VOH pleit ervoor om verbale waarschuwingen en verbale aanwijzingen voor gedrag weg te laten en in plaats daarvan aanwijzingen te geven met lichaamstaal. Het helemaal weglaten van verbale aanwijzingen of verbaal aansturen is niet nodig. Wel is het aan te raden je daarin zoveel mogelijk te beperken. Zo verstoor je je eigen uitleg zo min mogelijk.

Met lichaamstaal kun je zowel welwillende leerlingen geluidloos simpele aanwijzingen geven én een leerling die de les verstoort geluidloos vragen daarmee te stoppen.

Gebaren en lichaamstaal zijn niet alleen functioneel voor jou, ook je leerlingen kunnen  deze onderling gebruiken. Maak daarom de lichaamstaal die je zelf gebruikt in de communicatie met je leerlingen onderdeel van de werkvormen waarin je je leerlingen laat samenwerken. Tijdens het werken in groepen vraag je of ze elkaar onderling aanwijzingen willen geven met lichaamstaal. Zij kunnen hierdoor beter samenwerken en het helpt hen bij het accepteren van leiderschap binnen de groep. De leider van de groep gebruikt dan de gebaren om de groep aan te sturen. Deze gebaren maken de stap naar leiding geven voor leerlingen kleiner en maken rolwisseling en samenwerking eenvoudiger.

Leerlingen betrekken bij het bepalen van de gebaren

Door leerlingen bij de vormgeving van een gebaar te betrekken, maakt je ze eigenaar ervan en maak je ze mede verantwoordelijk voor effect van de gebaren.  Voel je vrij de voorbeelden van gebaren op deze site op een andere manier uit te voeren. Een mooi voorbeeld hiervan is het volgende:

Docent: “Jongens en meisjes, ik heb in de docentenkamer gehoord dat het stiltegebaar van meneer ’t Hart niet werkt. Klopt dat”?

Leerlingen: “Ja meneer”.
Docent: “Dan wil ik nu graag een voorstel van jullie voor een ander stiltegebaar. Wie van jullie wil een nieuw gebaar verzinnen”? 

Een leerling laat een nieuw gebaar zien

Docent: Ok, dan gaan we dat nu even proberen: Graag even allemaal door elkaar praten.

Leerlingen praten door elkaar.  Docent maakt het gebaar en meteen is het stil.

Docent: “OK, dan gebruiken we voortaan dit gebaar”.

Voordelen lichaamstaal

Het grote voordeel van aanwijzingen geven met lichaamstaal en het aansturen met lichaamstaal is dat je het niet hoort. Verbaal aanwijzingen geven en aansturen hoor je wel zoals blijkt uit het volgende voorbeeld waarbij een docent een verstoring van de les verbaal oplost (Slooter) 2019.

De drieslagregel

  1. Het waarneembare, ongewenste gedrag benoemen (“Ik zie /hoor dat je..”)
  2. De regel benoemen (“De regel is..”)
  3. Het gewenste gedrag benoemen (“Ik wil dat je stopt”.)

tot zover het citaat.

Hoe correct dit allemaal ook is, de leerlingen horen een zeurpiet / dwingeland. Dit alles vervang je door een onhoorbare serie gebaren waarmee je aanstuurt: Attentie, stop, en bij een gewenste reactie van de leerling geef je een compliment. Doet de leerling niet wat je vraagt, dan geef je een Tip (Stop gebruik je als een leerling iets doet wat de les verstoort).

of

Attentie, stil, en bij een gewenste reactie van de leerling geef je een compliment. Doet de leerling niet wat je vraagt, dan geef je een Tip (Stil gebruik je als een leerling door te praten de les verstoort).

De onhoorbaarheid van de gebaren is voor de leerlingen veel prettiger en daarom reageren ze er goed op. Zij prefereren gebaren boven verbale aanwijzingen.

Toelichting en video van de bovengenoemde gebaren

2.1 Uitzonderingen waarbij je wel verbaal aanwijzingen geeft

  • Als je klaar staat bij de deur om je leerlingen te begroeten en je ziet dat een leerling heel druk naar jouw lokaal toekomt, vraag je deze leerling (verbaal) even buiten het lokaal te wachten tot iedereen binnen is. Als iedereen zit en zich rustig voorbereidt, vraag je de leerlingen binnen te komen. Terwijl de leerling de klas inloopt, kijkt deze  verbaasd om zich heen en gaat vervolgens rustig zitten.
  • Gebruik bij een leswisseling een verbale aanwijzing in combinatie met een gebaar. Bekijk het onderstaande voorbeeld.

Leswisseling: De docent gebruikt zowel lichaamstaal als verbale aanwijzing voor maximale duidelijkheid. In dit geval vraag hij de leerlingen die zelfstandig werken om op te ruimen en in de kring te gaan zitten.

3 Aansturen met lichaamstaal

Een leerling die de les verstoort, stuur je eerst aan met lichaamstaal. Als een leerling daar goed op reageert, rond je dit af met een compliment. Reageert de leerling niet goed, dan stuur je vervolgens aan met een Tip, vervolgens geef je indien nodig een Tijdrovende opdracht, levert de leerling deze niet in, dan vraag je hulp aan je leidinggevende (Handelingsladder).

3.1 Gebaren effectiever maken bij frontaal lesgeven

Als een leerling de les verstoort, onderbreek je je uitleg en kijk je de betreffende leerling aan (freeze). Je wacht even af of de leerling daar al positief op reageert.

Zo niet, dan loop je een meter naar de leerling toe, en maak het gebaar ‘Selecteer’ (ik heb het tegen jou) en daarna ‘Stop’ of ‘Stil’. (Stop bij onrust. Stil bij praten). Zodra de leerling positief reageert, rond je af met een compliment: Duim omhoog.

Reageert de leerlingen niet goed, dan geef je vervolgens een tip die je opschrijft in je Tipboek (stap twee van aansturen).

3.2 Gebaren effectiever maken bij zelfstandig werken

Als een leerling stoort tijdens zelfstandig werken, kijk je de betreffende leerling aan (freeze). Je wacht even af of de leerling daar al positief op reageert.

Zo niet, dan loop je naar de leerling toe (niet te dichtbij, dat kan dreigend overkomen). Daar wacht je even en je kijkt of de leerling nu goed reageert.

Zo niet, dan maak het gebaar ‘Selecteer’ en daarna ‘Stop’ of ‘Stil’. (Stop bij onrust, stil bij praten). Zodra de leerling positief reageert, rond je af met een compliment: Duim omhoog. (Stap 1 aansturen).

Reageert de leerlingen niet goed, dan geef je een tip die je opschrijft op de lijst met namen van de groep die hoort bij zelfstandig werken (stap 2  aansturen).

Lees meer: Spiekbrief voor docent

4 Vragen om aandacht aan de hele groep met lichaamstaal

Als je iets uitlegt is het prettig als leerlingen aandachtig luisteren. Hoe vraag je om aandacht? Een overzicht van hoe je dat aanpakt: (bekijk ook deze PowerPoint)

  1. Eerst geef je een aanwijzing met lichaamstaal met het zogenaamde ‘vuurtorengebaar’. In het vuurtoren gebaar zit een timer, d.w.z. je maakt het gebaar bij een drukke klas iets langzamer dan bij een rustige klas. Doorgaans is dan iedereen daarna stil en kun je b.v. beginnen met uitleg geven.
  2. Vervolgens stuur je,  indien nodig, een leerling die nog niet stil is, of die nog geen aandacht heeft voor de les, aan met lichaamstaal (attentie – stil of stop – compliment). Als de leerling daar goed op reageert, geef je een compliment.
  3. Reageert een leerling niet goed, dan is dat het moment dat je de Spiegelmap gebruikt. Je loopt naar de Spiegelmap. Daardoor weet de leerling die niet reageert op jouw vraag om aandacht, dat je overweegt een Tip te geven. Door naar de Spiegelmap toe te lopen, geef je de leerling ook weer een extra kans om op te letten.
  4. Heeft ook het lopen naar de Spiegelmap geen effect, dan geef je een Tip en draai je de afbeelding van de Spiegelmap één afbeelding verder. Pas op dat moment gebruik je je stem! (Aansturen met Tip)

Bekijk ook deze link naar video’s + instructie over de gebaren

5 Lichaamstaal past niet bij mij

Tijdens de cursus introduceert de coach een aantal gebaren en vraagt wat deze kunnen betekenen. Ook zonder uitleg is dat meestal duidelijk.

Cursisten die zeggen geen affiniteit te hebben met het gebruik van lichaamstaal adviseert VOH te beginnen met het geven van een compliment: duim omhoog.

Als merkt hoe goed dit gebaar werkt, probeer dan ook andere gebaren uit zoals: vuurtoren, start, starten, zachter

Als je start met het gebruik van lichaamstaal kun je deze PowerPoint gebruiken waarmee je de eerste les begint met een spelvorm. Tijdens dit spel meet je de reactietijd van je leerlingen met de stopwatch van je telefoon.

Jouw ongemak met het gebruik van gebaren, kun je verminderen door ook je leerlingen ermee te laten communiceren.

5.1 Overtuiging

Als je merkt dat leerlingen op jouw lichaamstaal reageren, raak je overtuigd van het nut van gebaren en ga je ook andere gebaren inzetten. Bespreek voordat je een gebaar gaat gebruiken het gebaar met de klas. Oefen het nieuwe gebaar vervolgens met de klas. Bij elk nieuw gebaar vertel je de klas dat het onderdeel is van een stijl van lesgeven met minder  storende woorden met als doel dat iedereen zich beter kan concentreren.

De gebaren op zich zijn niet afdoende om goed orde te kunnen houden. Gebaren zijn pas  overtuigend als je ze gebruikt in samenhang met de andere onderdelen zoals Tip, Tijdrovende opdracht en de samenwerking met de schoolleiding. Die samenhang is zichtbaar gemaakt in de Handelingsladder. Daarmee zijn gebaren onderdeel van een overtuigende manier van aan- en bijsturen.

6 Gebaren helpen zorgleerlingen

De eerdergenoemde gebaren als vuurtoren, start, attentie, zachter en duim omhoog als compliment, zijn voor zorgleerlingen goed te begrijpen. Voor zorgleerlingen is het prettig als je ze met deze gebaren bijstuurt. Doorgaans hebben zij een hekel aan verbale reprimandes, vooral als je daarbij hun naam noemt. Je kunt met deze leerlingen afspreken dat je hun naam nooit zult noemen. Als je het per ongeluk toch doet mogen zij jou daarop wijzen. Ook kun je met deze leerlingen een persoonlijk gebaar afspreken dat alleen voor de betreffende leerling van toepassing is:

  • Maak met een leerling die veel aandacht vraagt een afspraak dat als deze leerling een vraag heeft, jij een afgesproken gebaar maakt waarmee je aangeeft dat je zo gauw je tijd hebt bij deze leerling langs gaat.
  • Spreek met leerlingen met teveel energie af dat als jij ze een time-out gebaar geeft (maak een T met beide handen), ze even een rondje mogen gaan lopen of dat ze volgens afspraak langs mogen gaan bij een leidinggevende.

Algemeen bekend is dat zorgleerlingen moeite hebben met het interpreteren van gelaatsuitdrukkingen en emoties. Met de eerder besproken simpele en eenduidige gebaren hebben zorgleerlingen geen enkele moeite.

7 Meerdere opties voor het geven van non-verbale aanwijzingen

Gebaren kun je gebruiken om aanwijzingen te geven en daarbij is het niet nodig om iets te zeggen. Er zijn meerdere mogelijkheden om op een non-verbale manier aanwijzingen te geven.

7.1 Aanwijzing met afbeelding

Het laten zien van een afbeelding is een alternatieve manier van het geven van een aanwijzing. Deze afbeelding kan woord en beeld combineren.

Dit principe is toegepast bij het geven van Tips. Met deze afbeeldingen laat je op een voor de groep zichtbare manier zien hoeveel Tips er zijn gegeven. Het oppakken van de Spiegelmap heeft voor leerlingen die dat gewend zijn ook betekenis. Ze weten dan dat je overweegt een Tip te geven. Je laat dan zien dat je van plan bent een Tip te gaan geven en indien nodig een Tijdrovende opdracht.

Na verloop van tijd hoef je alleen maar de indruk te wekken dat je naar de Spiegelmap loopt om leerlingen te laten opletten! De Spiegelmap is jouw klassenassistent bij  het vragen van aandacht!

Nog een toepassing van een afbeelding: Leg bij een leerling die stoort een gele kaart met daarop het kader: s.v.p. Vriendelijk + Duidelijk. Deze handeling van het neerleggen van de gele kaart is net als de gebaren Stop of Stil non-verbaal. Het neerleggen van een kaart gaat, net als het aansturen met een gebaar,  vooraf aan het geven van een Tip. Gaat deze leerling toch door met het verstoren van de les, dan geef je een Tip.

7.2 Aanwijzing met geluid

Ook door een geluid te laten horen kun je de groep een aanwijzing geven. Om een van tevoren afgesproken handeling uit te voeren, bijvoorbeeld: stoppen met werken. Een voorbeeld hiervan is de schoolbel die een leswisseling aankondigt. Zoek zelf geluiden uit en die gebruik die om aanwijzingen te geven tijdens je lessen.

  • Een voorbeeld uit het PO met de inzet van geluiden: op het Prowise digibord zitten geluiden van verschillende muziekinstrumenten. Deze kan je inzetten om een signaal af te geven zonder dat je daar iets bij hoeft te zeggen. Bijvoorbeeld: als het drumstel afgaat, wil de juf met de les beginnen. In de 10 seconden dat dit geluidsfragment duurt stop je met praten, kijk je naar het bord en wacht je rustig totdat het geluidsfragment is geëindigd.
  • Een voorbeeld waarmee je de periode waarin leerlingen zelfstandig werken afrondt: Spreek met de klas af dat je het einde van het zelfstandig werken aangeeft met het klappen van een ritme. Je spreekt met de klas af dat zij dan dat ritme meeklappen. Na het stopteken begin je met een nieuwe uitleg. Oefen dit met de klas. Tijdens het zelfstandig werken, doe je dan volgens afspraak een ritme voor. Daarna sluit je door het stopteken het ritme af en stopt iedereen tegelijk en jij begint met de uitleg van het volgende lesonderdeel.

 

8 Samenvatting

Wij zijn geneigd elkaars gedrag over te nemen. Van die neiging maak je  gebruik als je zelf met jouw lichaamstaal het door jou van de leerlingen gewenste gedrag aan hen toont (Toon gewenst gedrag). Door het tonen van een open lichaamshouding stel je je leerlingen in staat zich te openen. Door non-verbale aanwijzingen te geven met gebaren, door afbeeldingen te tonen of door geluiden te laten horen, is jouw instructie afwisselend, efficiënt en bevordert je met jouw presentatie de concentratie van je leerlingen. Na verloop van tijd raken zij gewend aan jouw manier aan aanwijzingen geven en kunnen zich daardoor beter concentreren.

Tips

  • Bekijk Toon gewenst gedrag. Daar vind je informatie over het aannemen van tegenovergesteld gedrag. Dit is zowel een kenmerk van de Roos van Leary als van Vriendelijk orde houden.
  • Als er veel leerlingen zijn die “moeilijk stil kunnen zitten”, laat dan iedereen aan het begin van de les (of wanneer je merkt dat de leerlingen drukker worden) even alle energie eruit schudden. Wanneer iedereen zijn/haar energie eruit heeft geschud, pak je de les weer op door het stop-gebaar te maken.
  • Maak alle gebaren vriendelijk, langzaam en aandachtig. Vermijd felle gebaren. Neem tijdens het maken van de gebaren een open houding aan. Met de naleving van deze aandachtspunten geef je het goede voorbeeld (Toon gewenst gedrag).
  • De vingerknip om leerlingen bij de les te houden, gaat vaak gepaard met een dominante houding. Wil je met je leerlingen een gelijkwaardige relatie, dan kun je de  vingerknip beter weglaten.

9 Video

De docent kijkt bij deze film vriendelijk en nodigt daarmee de leerlingen uit om ook vriendelijk te zijn.

Vergelijk dit eens de volgende vorm van stilte vragen. Een docent kijkt nors, doet de armen over elkaar (gesloten houding) en gaat met de benen iets gespreid in een gefixeerde houding staan (Dominant). Bij deze vorm van stilte vragen eist de docent aandacht (dwingt aandacht af). Een gevolg hiervan kan zijn dat leerlingen zich geïmponeerd of onderdrukt voelen en juist daarom de grens opzoeken.

Het vuurtorengebaar heeft al die negatieve bijwerkingen niet.

Tips en uitleg over gebaren bij vriendelijk orde houden bij een les Nederlands van Stephanie (Noot: deze les is in scene gezet).

0:50-1:20 “Ik vraag om aandacht met het ‘stewardess’ gebaar. Dit gebaar gebruik ik als ik wissel van werkvorm.”

1:20-1:46 “Met dit gebaar vraag ik de aandacht van iedereen (Vuurtoren).”

1:46-2:05 “Met het stiltegebaar vraag ik één leerling om aandacht (Stil). Als de leerling stil is, rond ik het af met een ‘goed zo’ gebaar, met duim omhoog.”

Deze video is niet geregiseerd. Je ziet hier hoe je als docent reageert op een verstoring.

2:23 De leerlingen reageren niet op het Vuurtorengebaar. Hoe gaat de docent daar mee om? Als de docent ziet dat het vuurtorengebaar niet het gewenste effect heeft, pakt hij afbeeldingen met geschreven aanwijzingen (bordjes met verschillende kleuren). Bij de manier van lesgeven van deze docent zijn die afbeeldingen een voorbode van een tip. Zijn leerlingen willen geen tip! Alleen al door het tonen van de afbeeldingen stoppen zij met praten. Deze  geluidloze aanwijzing zet de docent in voor een beter verloop van de les. Met het pakken van de afbeeldingen, door te handelen, creëert de docent rust door het gebruik van lichaamstaal en blijft hij vriendelijk. (Gebruik lichaamstaal).

2.47 De docent maakt het vuurtorengebaar nogmaals. Nu is het direct stil.
2.55 Een leerling gebruikt het vuurtorengebaar waaruit blijkt dat gebaren  na verloop van tijd voor iedereen functioneel zijn.
2.59 Een leerling dirigeert met gebaren. In deze video zie je hoe leerlingen onderling de gebaren succesvol gebruiken.

In 2012 bezocht de heer Kanamori op verzoek van de Stichting Rapucation het Pieter Nieuwland College. Tijdens zijn toespraak geeft hij aan dat kinderen over de hele wereld van nature lichaamstaal gebruiken en benoemde hij de noodzaak voor de docent om met je hele lichaam te communiceren. Dit advies pas naadloos bij deze module gebruik lichaamstaal.

Groepsopdracht waarbij leerlingen lichaamstaal gebruiken. Bij deze video voeren leerlingen geheel zwijgend een ritmeoefening uit. Meer informatie over wat deze leerlingen doen op de website van de Kizzo Band (Ook een initiatief van de Stichting Rapucation).