1.14 Energieregulatie

Leerlingen voelen zich op hun gemak bij een docent die zijn energie kan reguleren en die met plezier lesgeeft. Vriendelijk orde houden in de klas reikt docenten een model aan voor het reguleren van energie. De docent reguleert eerst zijn eigen energie, waardoor het voor leerlingen ook mogelijk wordt om hun energie te reguleren.

De docent blijft vriendelijk en duidelijk, ook tijdens uitdagende situaties. De docent stuurt gedrag van leerlingen efficiënt en op een rustige manier bij en voorkomt daarbij irritaties.

“Als docent bereik ik het meeste als ik rustig blijf en me niet laat meeslepen door de omstandigheden.”

“Wie niet boos kan worden is een dwaas, wie het niet wil is wijs” (Seneca)

Nu beantwoorden:

Hoe ga ik op dit moment om met mijn energie?

Thuis beantwoorden:

Hoe ga ik in de toekomst om met mijn energie?

Introductievideo

Lees aansluitend bij het onderwerp energieregulatie twee blog van Johan ’t Hart

Wat is beter, vriendelijk of streng?

Werkt streng zijn?

Let op de energie van jezelf en van je leerlingen. Zorg voor rust voordat je begint met een (nieuwe) les.

In deze introductievideo vertelt Wietske een over het gebruik van  ‘Moods’ in haar lessen.  Voor meer informatie zie:
https://www.kizzoband.nl/blues-4-moods/

Leerlingen nemen jouw energie over. Als jij flexibel jouw energie kunt inzetten is dat een middel om de groep aan te sturen.

Voorbeelden bij Energieregulatie

Voorbeeld 1

Meten is weten: Met een Fitbit horloge met bijbehorende app kun je zien hoe snel je hartslag is. Met deze meetinstrumenten kun je nauwkeurig zien hoe je geleidelijk steeds beter in staat bent om, met de aanwijzingen van Vriendelijk orde houden, je hartslag onder controle te krijgen. Een zeer snelle hartslag is uitputtend en zorgt ervoor dat je moe thuiskomt.

Voorbeeld 2

Bekijk daarvoor de video hierboven met een verhaal over het cool-down effect.

Voorbeeld 3

Dit voorbeeld speelt zich af tijdens een First-Id project van de stichting Rapucation in 2010 bij een project op een vmbo school met de workshopleiders Peter van der Bosch en Johan ’t Hart.

Tijdens een workshop creatief schrijven vroegen wij leerlingen als voorbereiding  om de beurt een woord te noemen. Toen wij zeven woorden hadden genoteerd vroegen wij de leerlingen om met deze zeven woorden een eigen tekst te schrijven. Terwijl de leerlingen hun tekst schreven, klonk new-agemuziek. Na enige tijd kwam de docent die deze klas gewoonlijk  lesgaf naar ons toe. Hij wees ons op een tekst die een leerling zojuist had geschreven. Wij vroegen aan haar deze tekst voor te lezen maar zij barstte in tranen uit. Haar medeleerlingen troostten haar en als reactie moest iedereen huilen terwijl er nog niets was voorgelezen! Dit was niet te voorzien. Pas later realiseerden wij ons dat door de rust die ontstond door de new-age muziek en de open vraag een eigen tekst te schrijven de leerlingen de kans kregen onbewuste (en in dit geval traumatische) herinneringen naar boven te halen. Na afloop van de les wilde alle leerlingen ons een hand geven. Velen die al het lokaal hadden verlaten kwamen weer terug om ons opnieuw een hand te geven. Voor ons was duidelijk dat leerlingen behoeft hebben aan expressie en aan verbinding.

voorbeeld 4

Een app waarmee je allerlei oefeningen kunt doen met dans, taal of muziek. Deelnemers reageren daarbij op de veranderende moods. De linken die nu volgen gaan allemaal naar de site van de Kizzo Band www.kizzoband.nl
Deze site is net als Vriendelijk orde houden gemaakt door de Sichting Rapucation.

moods at random

Nog in een experimenteel stadium maar wel al te beluisteren:
moods at random via scratch. Klik op de afbeelding met vraagtekens.

Voorbeeld 5

Wat is het verband tussen energie en de manier waarop je praat? Bij muziek met een Cool down, dwz een afname van energie, gaan rappers anders praten.

Voorbeeld 6

Wat is het verband tussen tempo en ontspanning? Lees de uitleg en beluister Sleep Tight

voorbeeld

Hoe verander je de energie van een muziekstuk? Als je dat weet kun je je eigen energie op vergelijkbare wijze aanpassen. Daarbij kun je verschillende disciplines beoefenen zoals taal, dans of muziek. 4 moods blues

Inhoud

  1. Samenhang met andere onderwerpen
  2. Volgorde van werken
  3. Energie en macht
  4.  Moods
    4.1 Moods en taalgebruik
    4.2 In welke Mood(s) ben je meestal?
    4.3 Flexibiliteit met Moods
    4.4 Je eigen energie regelen
  5. Energie van een groep beïnvloeden
    5.1 De-escaleren
  6. Klaslokaal met zolder en kelder
    6.1 Empathie
    6.2 The window of tolerance
    6.3 Van de zolder naar de woonkamer. Hoe laat ik energie los?
    6.4 Hoe kom ik vanuit de kelder naar het klaslokaal? Hoe verhoog ik mijn energie?
  7. Streng, of vriendelijk+duidelijk?
    7.1 Streng
    7.2 Streng en rechtvaardig
    7.3 Vriendelijk + duidelijk
  8. Samenvatting
  9. Tips

1 Samenhang met andere onderwerpen

In een rustige, uitnodigende omgeving kunnen je leerlingen zich goed ontwikkelen. Beweeg en praat daarom op een rustige manier (Toon gewenst gedrag). Je leerlingen nemen dit van je over. Met een opgeruimd lokaal uitnodigt je je leerlingen uit om op een goede manier aan het werk te gaan . Bij dit onderwerp vind je onder andere handvatten waarmee je rustig kunt blijven.

Alle onderwerpen

Juist bij het bijsturen van verstoringen loop je de kans geïrriteerd te raken. Met het interventiepalet stip je even iets aan met een gebaar of tip daarmee bereik je snel het gewenste resultaat: de verstoring stopt. Voor iedereen is het prettig. Er ontstaat een veilige omgeving waar iedereen zich kan concentreren.

Interventiepalet

2 Volgorde van werken

Het onderwerp Energieregulatie hoort bij de voorbereiding op Vriendelijk orde houden. Als je gedrag aanstuurt is het belangrijk dat je je bewust bent van je eigen emoties en van het effect daarvan op je leerlingen.

3 Energie en macht

Als de drukte van een klas voor jou belastend is en aanvoelt als ‘negatieve energie’, kun je daarop reageren met machtsvertoon. Je kijkt dreigend zegt: ‘Dit is de eerste waarschuwing’.  Ongewild zit je nu in een machtsspel. De leerling kan denken “ik vind deze docent niet aardig” en kan jou vervolgens dwars zitten. Voor je het weet zit je dan in de zogenaamde “escalatieladder”. Die ladder moet ervoor zorgen dat de leerling terugdeinst voor zware maatregelen. Met de aanpak van vriendelijk orde houden stap je uit dit machtsspel. Met Vriendelijk orde houden verander je drukke leerlingen in geconcentreerde leerlingen. Als dat lukt en je weet hoe je hun energie bijstuurt, tolereer je ook meer drukte.

4 Moods

Jouw leerlingen en ook jijzelf hebben in afwisseling verschillende ‘Moods’.

Op de x-as staat links rustig en rechts druk. Op de y-as onder zwaar en boven licht. Zo ontstaan vier ‘Moods’:

  1. Licht+Rustig: Een baby in een wiegje, een Boedha. Je stelt je bescheiden op.
  2. Licht+ Zwaar: Droevig, aandachtig, empathisch, bedachtzaam, voorzichtig, op je hoede, contemplatief.
  3. Licht +Druk: Vrolijk, energiek, je hebt zin om te dansen, een prettig gevoel.
  4. Zwaar + Druk – Veel energie, ruw of uitbundig.

Als jij als docent in staat bent te schakelen tussen deze verschillende niveaus dan is het makkelijker om contact te leggen met leerlingen dan wanneer jij altijd wilt dat ze geconcentreerd werken.

4.1 Moods en taalgebruik

Vriendelijk orde houden adviseert op taalgebruik te letten en ongepast taalgebruik bij te sturen. Dat type taalgebruik zal vooral bij de laatste Mood (Zwaar + Druk) makkelijker naar voren komen dan mij de eerste ‘Mood’ (Licht + Rustig). Bekijk hiervoor het onderwerp Let op taalgebruik

4.2 In welke Mood(s) ben je meestal?

Als je bij een auto niet op het gaspedaal drukt draait de motor stationair. Daarmee vergelijkbaar heb jij ook een stemming die je van nature aanneemt. Je zou dit een ‘Stationaire mood’ kunnen noemen. Per persoon zijn er verschillen. Waar de een altijd rustig is, is de ander van nature druk.

Voor ieder mens is de stationaire energie van belang omdat dit energieniveau  vertrouwd aanvoelt. Een mogelijk functie van deze ‘Stationaire Mood’ kan zijn dat je jezelf afschermt voor ongewenste ervaringen of voor stemmingen waarbij je je niet op je gemak voelt.

In het onderwijs voor een drukke groep heb je al snel de neiging om de drukte van de groep over te nemen. Vriendelijk orde houden adviseert het tegenovergestelde: Neem de drukte van de groep juist niet over. Lees hier meer over bij Spiegel de sfeer. bij het kopje ‘Neiging tot spiegelen’.

4.3 Flexibiliteit met Moods

Jouw ‘Stationaire mood’ heeft toch nog een hoeveelheid energie. Door middel van yoga, meditatie of new-age muziek kun je energie verlagen. Die ontspanning kan zowel positieve als negatieve gevoelens opleveren:

  1. Ontspanning en waarvan je geniet.
  2. Onaangename verdrongen herinneringen komen door de ontspanning naar voren (zie voorbeeld 3 hierboven). Als je met onaangename herinneringen op een goede manier verwerkt, heb je daar in een vergelijkbare situatie minder last van. Als je een onaangename herinnering onderdrukt, blijft dit onaangename gevoel in vergelijkbare situaties terugkeren.

3.4 Je eigen energie regelen

Voordat je in staat bent de energie van een groep te regelen is het belangrijk dat je in staat bent je eigen energieniveau te kunnen regelen.

5 Energie van een groep beïnvloeden

Stel je wilt de klas aansporen om met meer energie aan de slag te gaan, of je wilt een klas juist rustig laten werken. Hoe doe je dat?

Voordat je in staat bent om met jouw energie de energie van een groep te beïnvloeden moet je zelf in staat zijn je energieniveau te regelen. Jij kunt dan naar wens van energieniveau wisselen. Daarbij let je op het energieniveau van een groep (Let op lichaamstaal). Na jouw waarneming neem je een beslissing: Je streeft naar een lagere of juist naar een hogere energietoestand. Tenslotte helpt het je als je niet automatisch mee-resoneert met het energieniveau van de klas. Zie bij het onderwerp Spiegel de sfeer het kopje: Neiging tot spiegelen.

5.1 De-escaleren

Om goed met een klas te kunnen werken is het belangrijk dat niet alleen jij maar ook je leerlingen in staat zijn hun energie te reguleren. Op de website van de Kizzo Band is deze theorie van ‘Moods’ omgezet in een serie muziekstukken met wisselende  energie (‘Blues 4 moods‘). Deze ‘Moods’ in een bepaalde volgorde hebben een effect op je leerlingen. Met afnemende energie (Cool down) kunnen zich dan beter concentreren. met toenemende energie (Warming-up) kun je ze activeren.

Voorbeeld

In het basisonderwijs zijn kinderen na de pauze vaak druk. Voor hen is het dan moeilijk de aandacht bij de les te houden. Bekijk hierboven de introductievideo. Daarin beschrijft Wietske Tijssen hoe zij met deze zogenaamde ‘Cool down’ fragmenten de aandacht op de les richt.

Bij de pagina Blues 4 moods van de Kizzo Band tref je de ‘cool-down’ knop aan waarmee je energie van de klas kunt verlagen.

Je hoort dan een mp3 met afnemende energie. Je leerlingen keren daardoor terug naar een neutrale energietoestand waardoor iedereen met begrip en empathie met elkaar kan omgaan.

Ook is er een ander knop genaamd warming-up. Hiermee kun je een klas juist activeren.

Lees de toelichting bij:
https://www.kizzoband.nl/blues-4-moods/

6 Klaslokaal met kelder en zolder

Bij deze afbeelding zie je een huis met een kelder en zolder. De theorie hierachter is schatplichtig aan:

Brain Regulation Program. Zie matesbrainregulationprogram.com van Darren Abrahams en Celina Souza

Attachment and trauma treatment centre for healing.

Rapucation heeft aan elementen van beide organisaties gecombineerd met de vier eerder genoemde ‘Moods’.

Dit model gebruiken we om duidelijk te maken wat het effect is van de manier waarop je reageert op verstoringen. Het model helpt je om je energie te reguleren. Jou klaslokaal is in dit model een veilige, gezellige, vriendelijke en begripvolle en sociale plek waar je graag wilt zijn. Alle emoties horen erbij. Je lokaal staat op de begane grond. Als je wilt, kun je naar buiten. In je lokaal staat een ladenkast. Deze kast staat voor je vermogen om te kunnen communiceren, voor empathie en voor je geheugen. In je lokaal is ook een brandalarm.

6.1 Empathie

Je beschikt over je ladenkast als er veiligheid en vertrouwen is. Op zolder of in de kelder heb je niet meer de beschikking over je ladenkast. Stuur daarom gedrag aan en bij op een vriendelijke manier op. Waar blijft je boosheid dan? Boosheid hoort bij de ‘Mood’ rechtsonder. Je energie is hoog. Als je in staat bent je energie te verminderen, en op een verstandige manier aan en bij te sturen staat de boosheid je niet langer in de weg. Je beschikt dan altijd over een scala van emoties, de vier ‘Moods’. Door deze energietoestanden te herkennen bij je leerlingen en door voor te kunnen doen hoe je energie loslaat of  hoe je energie opbouwt, stel je leerlingen in staat om zelf ook op een goed manier met hun energie om te gaan.

6.2 The window of tolerance

Bij het leggen van contact staat boosheid in de weg. Met boosheid stoot je af. Als je in staat bent boosheid los te laten, sta je weer open voor contact.

Nu volgen twee lijsten die afkomstig zijn van deze url:
https://www.attachment-and-trauma-treatment-centre-for-healing.com/blogs/understanding-and-working-with-the-window-of-tolerance

In ons model staat ‘tolerance’ voor het klaslokaal. Op zolder of in de kelder lukt het niet om je tolerant op te stellen. De vraag is nu hoe kom je vanuit de zolder of vanuit de kelder weer terug in de woonkamer, terug naar voor jou beheersbare energie?

6.3 Van de zolder naar de woonkamer. Hoe laat ik energie los?

  • Middenrifademhaling (diepe en langzame buikademhaling)
  • Drinken uit een rietje
  • Een therapie / yogabal naar een blinde muur of buitenmuur gooien
  • Springen op een trampoline of minitrampoline
  • Verzwaringsdeken
  • Warm water
  • overtollige energie schudden of stampen
  • Therapie- / yogabal (naar achteren rollen wanneer kind / jongere met de voorkant naar beneden op de mat ligt – zachte maar stevige druk)
  • Zwaar werk (tillen, trekken, push-ups, kruiwagenraces, krabwandelen, sprongkikker etc.)
  • Muziek (rustgevende en kalmerende muziek en geluiden)
  • Troostend eten (warme chocolademelk of iets taai maar zacht zoals een tootsie-broodje)

6.4 Hoe kom ik vanuit de kelder naar het klaslokaal? Hoe verhoog ik mijn energie?

Alles wat de zintuigen prikkelt!

  • Essentiële oliën ruiken (geur is de snelste weg naar het denkende brein – waar zijn strategieën!)
  • Taai knapperig eten
  • Gebruik van sensorische shaker (ballenbak) voor tactiele input
  • Beweging
  • Springen op een trampoline of minitrampoline
  • Zachtjes en stuiterend op therapiebal (simuleert schommelende beweging)
  • Schommelstoel
  • Verzwaringsdeken
  • Vingerverven
  • Waterspelen met een rietje (blazen door het rietje)
  • Dansen en muziek

7 Streng, of vriendelijk+duidelijk?

Aan het begin van een cursus Vriendelijk orde houden in de klas beschrijft elke deelnemer een situatie die te maken heeft met orde houden. Vaak geven ze dan aan welk advies collega’s geven om ordeproblemen op te lossen. Meestal krijgen ze het advies: “Wees streng”. Een strenge docent dwingt orde af.

Vriendelijk orde houden in de klas geeft een ander advies: “Wees zowel vriendelijk als duidelijk”. Wat is het juiste advies?

“Het probleem is niet wát er gebeurt, of welke tegenslag je ondervindt, maar hoe je daarmee omgaat” (Grondbeginsel van Stoïcisme).

Bijsturen kan op twee manieren: Je kunt een verstoring op een strenge manier oplossen of je lost deze op door tegelijkertijd vriendelijk en duidelijk te zijn.

 7.1 Streng

Collega’s geven vaak het advies om bij ordeproblemen streng op te treden. Toegepast op het model hierboven bestaat het gevaar dat je daarmee je leerlingen naar zolder of naar de kelder stuurt.

Streng zijn kan goed uitpakken. Als je over het algemeen vriendelijk bent, maar het soms nodig vindt om streng te zijn, dan zul je daarmee bij een aantal groepen succes hebben. Toch is er vaak een groep waarbij jouw strengheid averechts werkt. Als je streng reageert, zit jij wat betreft je energie op zolder. Je bent dan niet meer in staat om empathie voor je leerlingen op te brengen en je kunt niet meer op een goede manier met je leerlingen omgaan.

Jouw boze reactie op een klas die niet meewerkt, bederft de sfeer. Als leerlingen weten dat jij snel boos wordt, stel je ze in staat om moedwillig en collectief jouw gezag te ondermijnen door jou expres boos te maken. Jij ben dan de marionet en zij trekken aan de touwtjes. De inhoud van de les komt niet tot zijn recht.

Bij verstoringen van de les gaat bij jou het alarm af. Je lost verstoringen op een strenge manier op, door dreigend, heftig en/of boos te reageren. Daarmee zet je de leerlingen onder druk en geef je ze twee opties:

  • Ze gaan naar zolder: Daar komen ze in actie: vechten of vluchten. Een aantal leerlingen gaat door met het verstoren van de les. Ze zijn niet ontspannen ze staan onder druk. Voor hen is de situatie onveilig.
  • Ze gaan naar de kelder: Daar houden ze zich stil: verkrampen of flauwvallen. Deze leerlingen lijken misschien braaf maar ze zijn niet ontspannen ze staan ook onder druk. Voor hen is de situatie onveilig.

In beide gevallen bereik je niet het gewenste effect: intrinsieke motivatie en een veilige sfeer. Voor iedereen is het moeilijk zich te concentreren. Met je strengheid verspil je energie.

In het Engels vertaal je streng met strict. Strict betekent ook nauwkeurig en nauwgezet! Dat zijn twee eigenschappen die verwant zijn aan duidelijk! Andere vertalingen van streng zijn: severe, rigorous, stringent en stern. Deze laatste vertalingen associeer je met boosheid en dat wil je met Vriendelijk orde houden in de klas nu juist achterwege laten. In het Nederlands associeer je streng meestal met de emotie boos.

7.2 Streng en rechtvaardig

Vaak geven cursisten van Vriendelijk orde houden aan “Streng zijn is af en toe nuttig”.

Voor leerkrachten is de kwalificatie “streng doch rechtvaardig” doorgaans een compliment. Met die stijl van lesgeven kun je veel bereiken. Als je problemen hebt met orde geven leerkrachten elkaar dan ook vaak het advies streng te zijn.

Bij “streng doch rechtvaardig” schuilt er een addertje onder het gras.

Streng

Wie controleert of jouw strengheid niet te streng is? Dat kun jij bij deze stijl van lesgeven alleen maar zelf. Als je kiest voor deze stijl van werken, dan ben jij de enige die jouw strengheid reguleert. Als je per ongeluk te streng bent, ervaren jouw leerlingen jou dan nog als rechtvaardig? Voor je het weet krijgen ze een hekel aan je of je maakt ze angstig. Daarmee beschadig je de onderlinge relatie.

Rechtvaardig

Wie controleert of je rechtvaardig bent? Bij deze stijl van lesgeven kun jij dat alleen maar zelf. Stel dat je per ongeluk een beslissing neemt die niet rechtvaardig is, mogen leerlingen daar dan op reageren? Als dat niet mag, ervaren de leerlingen jou niet meer als rechtvaardig. Zij merken dat je niet naar ze luistert. Vervolgens spiegelen ze jouw gedrag en luisteren ze niet meer naar jou.

Er is een dunne lijn tussen “streng doch rechtvaardig” en “te streng en niet rechtvaardig”. Dat is de adder onder het gras.

Bij Vriendelijk orde houden spreek je eerst een kader af (vriendelijk en duidelijk). Vervolgens zijn alle deelnemers gerechtigd elkaar hierop aan te spreken. Als iemand (leerkracht of leerling) boos is of onrechtvaardig helpt iedereen elkaar terug te keren naar vriendelijk en duidelijk. Het feit dat iedereen hierbij mag helpen, borgt een veilige omgeving waarin je leerlingen hun talent ontwikkelen en iedereen kan zijn wie die is.

Het verschil tussen “streng en rechtvaardig” en “Vriendelijk orde houden” is dat in het eerste geval de docent zijn of haar eigen energie reguleert en dat bij “Vriendelijk orde houden” die regulering van alle kanten komt. Jou leerlingen helpen jou én elkaar om vriendelijk en duidelijk te blijven!

7.3 Vriendelijk + duidelijk

Als je streng interpreteert als: duidelijke grenzen aangeven met behulp van het Interventiepalet, dan voorkom je dat je wild omspringt met je energie. Door rustig te blijven, ontstaat een veilige sfeer en krijg je een goede verstandhouding met je leerlingen.

Met rust én de mogelijkheid om je energie te reguleren, schep je voorwaarden voor aandachtig communiceren en je zorgt voor een veilige omgeving. Om je te kunnen concentreren en om goed te kunnen werken is rust nodig. Reageer daarom op altijd op een vriendelijke en duidelijke manier op je leerlingen. In het model hierboven is er in het klaslokaal een alarm. Als bij jou het alarm afgaat, als een leerling je les verstoort, handel je als volgt:

  • Je gebruikt eerst lichaamstaal om iets duidelijk te maken (Gebruik lichaamstaal). Helpt dat niet, dan geef je een tip (Geef en administreer tips –  je verbind je niet met negativiteit) en je spiegelt de sfeer met de Spiegelmap (Spiegel de sfeer, je kunt zelf vriendelijk blijven kijken)
  • Je blijft rustig, je ademt rustig, je staat rechtop en beweegt langzaam.
  • Je geef complimenten als het goed gaat.

Je blijft positief. Je leerlingen merken dat je verstoringen op een vriendelijke manier oplost. Ze hebben nu twee opties:
1. Ze geven gehoor aan jouw positief geformuleerde tips.
2. Ze blijven de les verstoren.
In het laatste geval geeft je nog steeds op een vriendelijke manier de leerling een tijdrovende opdracht. (“Ik moet je helaas deze opdracht geven”). Als je dit een aantal keer hebt gedaan, vermijden de leerlingen het krijgen van de opdracht omdat ze weten wat de consequenties zijn als ze de opdracht niet inleveren. Dan betrek jij hun ouders en de afdelingsleider erbij. Daarom maken de meeste leerlingen de opdracht direct. Verzet tegen de opdracht heeft door de samenwerking tussen docent en schoolleiding geen zin. Je volgt het protocol. Door deze aanpak ontstaat er een goede sfeer en verbeteren de resultaten.

Het gecombineerde advies: wees zowel vriendelijk als duidelijk, is effectief en kost je weinig energie. Alle energie gaat naar het lesgeven.

8 Samenvatting

Hoe zorg je voor rust en veiligheid? Vriendelijk orde houden in de klas adviseert je om zelf te beginnen met het tonen van een rustige, beheerste houding. Als jij je Energie kunt reguleren en het goede voorbeeld kan geven nemen leerlingen dat over (Energieregulatie en Toon gewenst gedrag). Lees hiervoor het hoofdstuk Orde maken. Jij begint met het tonen van rust en jouw leerlingen nemen jouw gedrag over, ze spiegelen jouw gedrag. Zo creëer je rust.

Als dat nog niet het gewenste effect heeft, stuur je bij. Bekijk hiervoor het hoofdstuk Orde houden. Met het Interventiepalet voorkom je  situaties met een permanent hoge of permanent lage energietoestand (zolder of kelder). Zowel docenten, leerlingen, ouders en schoolleiding profiteren van energieregulatie.

Het onderstaande citaat geeft aan waar je wel en geen macht over hebt:

“Je hebt macht over je geest, niet over de gebeurtenissen buiten jou” (Marcus Aurelius).

Als je in staat bent je eigen energie te reguleren krijg je macht over je geest. Die vaardigheid verkrijg je onder andere door meditatie, door goed voor jezelf te zorgen en door Orde maken en Orde houden. Als je die vaardigheid toont aan je leerlingen nemen zij die vaardigheid over.

8 Tips

  • Uit aflevering 4 van 100 dagen voor de klasAls leraar moet je empathie tonen, dan geef je een teken van vertrouwen af. Soms gaat er dan bij de kinderen een luikje open en durven ze iets van zichzelf te laten zien.
  • Als een leerling boos is, vraag dan: “Wat maakt je boos, kan ik iets voor je doen?”

Credits
Musicians Without BordersTijdens een week in Ede “Train the trainer” gaf Darren Abrahams uitleg over “mates house”. Deze theorie laat de noodzaak van een vriendelijke houding zien en sluit daarom naadloos aan bij de aanpak van Vriendelijk orde houden. Zie: http://matesbrainregulationprogram.com/
Sam Taylor – Student PsychologieSam wees mij op het bestaan van ‘The window of tolerance’ die staat beschreven bij de site van het Attachment and trauma treatment centre for healing.